woensdag 10 augustus 2011

De mannetjes van kwart voor


Je kent ze wel. In elke straat heb je er eentje. Een mannetje van kwart voor. In mijn vorige straat was het een mannetje van kwart voor twee. Nu is het een mannetje van kwart voor vijf.

Langzaam, soms moeizaam, maar erg vastberaden wandelen ze hun dagelijkse wandelingetje. Een beetje voorovergebogen, hun wandelstok als vaste maatje. Voetje voor voetje schuifelen ze voort. Elke dag op hetzelfde uur komen ze voorbij. 

Ze lijken wel een heel verleden op hun schouders mee te dragen, gebukt onder hun eigen geschiedenis. Hun leven trekken ze achter zich aan. Hun kindertijd, de jeugd met de eerste verliefdheid, het ouder worden, het lief en leed. Waarschijnlijk kennen ze elke steen op hun pad vanbuiten. Soms, heel soms, kijken ze eens op. Weinig kan hen nog verbazen of beroeren. Ze hebben het allemaal wel een beetje gehad.

Vandaag keek het mannetje van kwart voor vijf even op, net toen ik de deur van mijn huis dichttrok. Heel even kruisten onze blikken. Hij boog zijn hoofd alweer. Hij vertraagde zijn moedige tempo niet. 'Dag meneer', zei ik. Hij stopte, het koste hem moeite om zijn blik van de straatstenen los te trekken. Hij plantte zijn wandelstok stevig neer en richtte zich helemaal op en keek me recht in de ogen. Het bleef net te lang stil. Ik wist me geen houding te geven. 'Dag meneer', zei ik nogmaals, 'wat een weer, he!' Hij liet zijn hoofd weer zakken en ik had meteen spijt van mijn vreselijke dooddoener. Maar dan draaide hij zich helemaal om, keek me weer aan en zei: 'dag madammeke, als het droog is kan ik wandelen, anders niet. Ik heb nog verkering gehad met Felicie die in uw huis heeft gewoond, dat is al meer dan vijftig jaar geleden. Maar ik ben nu alleen en....' 

Een half uur hebben we gebabbeld. Zijn schema was een beetje overhoop gehaald. Kwart voor vijf was nu kwart over vijf. Hij stapte verder, me hartelijk groetend. Ik keek hem lang na. Ik wist niet zeker of hij nu wat rechter liep. Ik beeldde het me graag in. Langzaam verdween hij om de hoek van de straat. Het was nu bijna half zes.



9 opmerkingen:

  1. Moooiiiii..., Tanneke..., menselijk warm...
    Lie(f)s.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Wat mooi geschreven weer ,zo'n situatie die eigenlijk ieder wel eens kan gebeuren.
    Groetjes Elisabeth

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Prachtig en hartverwarmend zo'n ontmoeting (en het schrijfsel)...

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Wij hadden ook zo'n mannetje hier in de straat - op een dag kwam hij niet - gevallen, heup gebroken ...

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Hoe een simpele 'goeiendag' een mens kan opfleuren! Moest meer gedaan worden, mensen zouden veel gelukkiger zijn, minder eenzaam.

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Heerlijk toch, zijn ritme is misschien overhoop gehaald, maar misschien was jij zijn lichtpuntje wel van de dag... ;)

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Dooddoeners baren soms mooie verhalen ...

    BeantwoordenVerwijderen
  8. Wij hebben er hier ook ene rond lopen

    ik noem hem "de vooruit gaande man"

    BeantwoordenVerwijderen

Reactie krijgen op een schrijfsel is het teken dat je gelezen wordt! Dank je wel hiervoor!